Sterk Techniekonderwijs in de regio

Over Sterk techniekonderwijs
  • Regelingen 2020-2023

    Vanaf januari 2020 krijgen regio’s geld om te werken aan sterk, aantrekkelijk en innovatief techniekonderwijs, dat leerlingen goed voorbereidt op een opleiding en werk in de regio.
    In een regio werken vmbo-scholen, mbo-instellingen en het regionaal bedrijfsleven samen aan realisatie van de plannen.

  • Ondersteuning

    Bij het tot uitvoering brengen van plannen kunnen regio’s een beroep doen op ondersteuning in de vorm van een critical friend, maar ook in de vorm van iemand die meedenkt over de samenwerking in de regio of de realisatie van de plannen door docenten. Per regio is een aantal dagen ondersteuning kosteloos beschikbaar.

  • Tools

    Op deze website zijn tools beschikbaar die scholen helpen de samenwerking in de regio verder vorm te geven en uit te bouwen.
    Daarnaast worden er themabijeenkomsten georganiseerd waar kennis delen en inspiratie bieden het uitgangspunt is.

Image

Handreiking en formats voor het voeren van de projectadministratie

In deze handreiking wordt aangegeven hoe de projectadministratie kan worden ingericht en welk bewijsmateriaal nodig is om de subsidiabiliteit van de kosten aan te tonen. Deze handreiking biedt tevens formats voor het voeren van een projectadministratie.

Veelgestelde vraag

Kunnen scholen zowel met Sterk Techniekonderwijs als met de pilot nieuwe leerweg meedoen?
Ja, dat kan. Wel moeten scholen die subsidie ontvangen voor Sterk Techniekonderwijs én de nieuwe leerweg uitkijken dat activiteiten niet dubbel worden gesubsidieerd. Er mag bijvoorbeeld niet 1 machine betaald worden van beide subsidies.

Samenwerking met het mbo en bedrijfsleven

Informatie voor bedrijven over de samenwerking met regionale vmbo- en mbo-scholen én informatie voor het mbo over de samenwerking met het mbo.

Samenwerking met het mbo

Recente veelgestelde vragen

  • Kunnen scholen zowel met Sterk Techniekonderwijs als met de pilot nieuwe leerweg meedoen?

    Ja, dat kan. Wel moeten scholen die subsidie ontvangen voor Sterk Techniekonderwijs én de nieuwe leerweg uitkijken dat activiteiten niet dubbel worden gesubsidieerd. Er mag bijvoorbeeld niet 1 machine betaald worden van beide subsidies.

  • In Sterk Techniekonderwijs moet 10% cofinanciering van bedrijven komen. Wat moeten we doen als er een bedrijf afhaakt en een ander aansluit?

    Wijzigingen in de cofinanciering hoeft u niet apart te melden bij DUS-I. U kunt wijzigingen wel melden in de tussenrapportage in 2021 en in de eindrapportage in 2023. Uit de eindrapportage moet blijken dat het bedrijfsleven 10% heeft bijgedragen aan Sterk Techniekonderwijs in een regio. Meer mag, minder niet want dat wordt het subsidiebedrag lager vastgesteld (passend bij de 10% cofinanciering). De bedrijven die bijdragen aan de 10% mogen in de loop van de jaren wisselen. Wel is het verstandig met nieuwe bedrijven een samenwerkingsovereenkomst aan te gaan. Cofinanciering hoeft niet in de vorm van geld gegeven te worden, het mag ook in de vorm van machines, materialen, beschikbaar stellen van ruimte, gastlessen, stages enz.

  • Is er ook na goedkeuring van de plannen ondersteuning beschikbaar?

    Elke regio kan een beroep doen op een ondersteuner. Per regio zijn er een aantal dagen (gratis) ondersteuning beschikbaar. Wilt u weten wie er vanuit STO als ondersteuner beschikbaar zijn kijk dan op de site. Wilt u gebruik maken van ondersteuning? Vul dan het formulier op de website in.

    PAS OP: er bezoeken mensen scholen die zich ‘consulent STO’ noemen, zij horen niet tot het ondersteuningsteam van STO. Uiteraard mag u van hun diensten gebruik maken, maar u moet dan wel zelf de rekening daarvoor betalen.

  • Is het geld dat we na 2023 ontvangen geoormerkt?

    In principe is er sprake van structureel geld dat ook na 2023 beschikbaar is. Hoe dit geldt precies beschikbaar komt is nog niet bekend. Dit moet nog uitgewerkt worden en is afhankelijk van het verloop van de periode van 2020 tot 2023.

  • Er is sprake van ‘structureel geld’? Wat betekent dit?

    Er is 100 miljoen per jaar beschikbaar. Aan deze beschikbaarheid is geen einddatum gekoppeld. Voor de periode tot 2023 is uitgewerkt hoe het geld beschikbaar komt en waaraan het uitgegeven mag worden. Voor de periode daarna (2024 en verder) moeten de plannen nog uitgewerkt worden.

  • Hoe ziet de financiering er na 2023 uit?

    Er is in principe sprake van structureel geld dat ook na 2023 beschikbaar is. Hoe dit geld precies beschikbaar komt is nog niet bekend, dat moet nog uitgewerkt worden en is afhankelijk van het verloop van de periode van 2020 tot 2023.