Heeft u een vraag? Ik kan u helpen!

Veelgestelde vragen

Image

FAQ

U vindt op deze pagina veelgestelde vragen over Sterk Techniekonderwijs. Antwoorden op deze vragen worden afgestemd met het ministerie van OCW en DUS-I. De vragen worden regelmatig aangevuld.

Zoek uw vraag naar keuze

Laden...
Er zijn geen veelgestelde vragen die voldoen aan de ingestelde filters.
Selecteer een filter

Meest recente vragen

  • Welk uurtarief mag gehanteerd worden in het activiteitenplan 2027 en 2028?

    Voor intern personeel wordt een uurtarief gehanteerd conform de meest recent geraamde GPL (gemiddelde personeelslast). Daarbij wordt gerefereerd aan de CAO VO 2024/2025 met een GPL van € 66,-. Dit is een gemiddeld tarief voor het berekenen en verantwoorden voor loonkosten. Dit tarief mag vanaf 1 januari 2027 gehanteerd worden; dus voor het nieuw in te dienen activiteitenplan van 2027 en 2028. Het totaal beschikbare budget voor de regio verandert niet. Het hanteren van een hoger uurtarief resulteert daarmee in minder beschikbare uren.

  • Zijn technische stages op te voeren als cofinancieringsactiviteit binnen Sterk Techniekonderwijs?

    Ja, uren die worden gemaakt voor het regelen van technische stages, aanbieden van stageplekken en de begeleiding is op te voeren als cofinancieringsactiviteit. Binnen het vmbo zijn stages altijd extra curriculair, met uitzondering van leerwerk-trajecten. Kijk op de website van DUS-I of in de handreiking subsidiabele kosten.

  • In de voortgangsrapportage 2025-juli 2026 wordt gevraagd naar het oorspronkelijk begrote bedrag vanuit het plan op hoofdlijnen. In het detailplan 2025-2026 hebben we echter lager begroot. Kan de regio dit rechttrekken in het uitgewerkte activiteitenplan 2027-2028?

    Ja, er wordt uitgegaan van het budget dat beschikt is n.a.v. het plan op hoofdlijnen, dus het totaal over 4 jaar. De regio’s mogen de kosten gelijk over de jaren verdelen, maar de kosten mogen ook per jaar verschillen.

  • Zijn er richtlijnen binnen Sterk Techniekonderwijs voor de periode waarover een investering wordt afgeschreven?

    Bij het bepalen van de periode waarover een investering wordt aangeschaft, gelden de volgende regels:

    • De afschrijvingsperiode is gebaseerd op een realistische inschatting van de levensduur. Uitgangspunt is dat de afschrijvingsperiode gebaseerd is op de reële economische levensduur (mits deze korter is dan de technische levensduur);
    • De afschrijvingsperiode wijkt niet af van de afschrijvingsperiode die gehanteerd zou worden wanneer het niet Sterk Techniekonderwijs betrof. Met andere woorden het is niet toegestaan om een kortere afschrijvingsperiode te kiezen omdat een investering gefinancierd wordt vanuit de subsidie Sterk Techniekonderwijs;
    • Eventueel vindt een toerekening van de afschrijvingskosten plaats op basis van daadwerkelijk gebruik ten behoeve van het project, indien de investering ook voor andere zaken dan Sterk Techniekonderwijs wordt gebruikt. Indien dit het geval is, leg de toerekening vast in een document en neem deze op in de (project)administratie. Als richtlijn worden de volgende afschrijvingsperiodes meegegeven:
    • Kosten voor machines en apparatuur: 5 tot 10 jaar
    • Verbouwingskosten: 10 tot 15 jaar
    • ICT-middelen als 3D printers en laptops: 2 tot 4 jaar
    • Inventaris: 8 tot 15 jaar

    Meer informatie leest u in de handreiking projectadministratie: https://www.sterktechniekonderwijs.nl/inspiratie/projectadministratie-en-formats/

  • Wat is de termijn van het bewaren en opslaan van de administratie bijbehorende stukken van STO voor de penvoerder?

    De administratie en de daartoe behorende bescheiden worden gedurende 10 jaren na de vaststelling bewaard. Dit betekent dat er een bewaarplicht geldt tot ten minste 31 december 2039.

Staat uw vraag er toch niet bij? Stel dan uw vraag door het invullen van onderstaand formulier.

Contactformulier