Regelingen

Kamerbrieven en regelingen

U vindt op deze pagina beleidsstukken die relevant zijn voor het programma Sterk Techniekonderwijs.

Subsidieregeling Sterk Techniekonderwijs 2020-2023

Op 12 september 2018 zijn de kaders voor de planvorming van Sterk Techniekonderwijs gepubliceerd. In deze regeling voor de transitiefase van de middelen voor het technisch vmbo vindt u informatie over:

  • Het penvoerderschap;
  • De subsidieaanvraag en het beoordelingskader;
  • Wat een techniekregio en een techniekarme regio is;
  • De vooraanmelding van de subsidieaanvraag;
  • De cofinanciering vanuit het bedrijfsleven.

In de bijlagen vindt u het beoordelingskader waarin staat aan welke criteria het regioplan moet voldoen en de elementcodetabel van opleidingen waarvoor subsidie aangevraagd kan worden.

Van 1 tot en met 31 maart 2019 kan subsidie worden aangevraagd voor de uitvoering van plannen voor goed, actueel en innovatief techniekonderwijs. Gebruik hiervoor de formats.

Download de regeling

Regeling aanvullende bekostiging technisch onderwijs

De regeling van 20 juni 2018 op basis waarvan vmbo-scholen met een profiel PIE, BWI of M&T in 2018 en 2019 aanvullende bekostiging krijgen.

Wijziging Regeling aanvullende bekostiging technisch vmbo

Wijziging van de Regeling aanvullende bekostiging technisch vmbo 2018-2019 en de Subsidieregeling Sterk Techniekonderwijs 2020-2023 d.d. 26 februari 2019 in verband met het openstellen van de regeling voor voortgezet speciaal onderwijs en enkele technische wijzigingen.

Kamerbrief ‘Samen naar een technisch vmbo’

In deze kamerbrief van 5 juni 2018 informeert Minister Slob (Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media) de Tweede Kamer over de uitwerking van de investering in het techniekonderwijs op het vmbo uit het regeerakkoord. De bedragen voor de aanvullende bekostiging voor vmbo-techniek 2018 zijn in november 2018 definitief vastgesteld.

Download de regeling

Veelgestelde vragen: aanvraag subsidie

  • Activiteitenplan en regiovisie mogen samen maximaal 25 pagina’s zijn. Is dat voor elke regio (groot en klein) gelijk?

    Ja, dit geldt voor alle aanvragen. In beginsel moet alle relevante informatie in het plan en de regiovisie staan. Indien u bepaalde informatie wilt onderbouwen met uitspraken in rapporten e.d., dan kunt u hier specifiek naar verwijzen door vermelding van de betreffende pagina in het rapport. In het aanvraagformulier is er een mogelijkheid om het rapport als bijlage te uploaden. Voorts is het raadzaam niet drie keer hetzelfde in een plan op te nemen, maar intern te verwijzen. Een tip hierbij is: laat het plan lezen aan een buitenstaander binnen uw organisatie met de vraag of het een helder en logisch verhaal is en of er geen overbodige informatie wordt gegeven.

  • Als je op je school geen technisch profiel aanbiedt, krijg je dan geen geld?

    Dat hangt ervan af. Scholen die geen technisch profiel hebben kunnen meedelen in de middelen door mee te doen in de planvorming. Leerlingen die niet staan ingeschreven op de technische profielen tellen echter niet mee bij de bepaling van het maximale budget dat een regio kan aanvragen. Zogenoemde ‘techniekarme’ regio’s, regio’s waarin minder dan 10% van de leerlingen een technische vmbo-profielen volgt, kunnen aanspraak maken op een apart potje met geld.

  • AOC’s nemen een bijzondere positie in, zij bieden vaak techniek aan en hebben een doorstroom naar techniek, maar worden bij het maken van regionale plannen soms buiten gesloten? Wat te doen?

    Ook AOC’s kunnen meeschrijven aan regionale pannen. Er kan ondersteuning ingeroepen worden bij ‘Sterk Techniekonderwijs’ om als AOC om tafel te komen met vmbo-scholen in de regio. Een AOC kan niet als penvoerder van een aanvraag fungeren.

  • De regioportretten gaan uit van de leerlingaantallen op 1 oktober 2018. Klopt dit?

    Ja, voor het indienen van het plan 2020-2023 moet u uitgaan van de leerlingaantallen op 1 oktober 2018. Dit zijn de leerlingaantallen die in de regioportretten vermeld staan, met uitzondering van de lso-leerlingen die een technisch vmbo profiel volgen, die moeten zelf toegevoegd worden.

  • Een leerling switcht na 1 oktober 2018 van een technisch profiel naar een niet-technisch profiel. Tellen deze leerlingen mee voor het vaststellen van het maximaal aan te vragen budget?

    Ja, alle leerlingen die op 1 oktober 2018 ingeschreven staan in een technisch profiel in leerjaar 3 en 4 tellen mee voor het bepalen van de hoogte van het maximaal aan te vragen budget.

Veelgestelde vragen: budget 2020-2023

  • 10% co-financiering door het bedrijfsleven, wat houdt dat in?

    Bij het realiseren van de plannen wordt 10% co-financiering van het bedrijfsleven gevraagd. Dat kan in de vorm van geld, maar ook in natura door het beschikbaar stellen van machines, materialen/apparatuur, mensen, het verzorgen van gastlessen, het begeleiden van stagiaires, enz.
    In de begroting die bij de plannen ingediend moet worden moet de inzet in natura van het bedrijfsleven gekapitaliseerd worden.

  • Bij de plannen hoort een begroting, maar hoeveel geld kunnen wij aanvragen?

    Er is per leerling € 15.985,- voor 4 jaar beschikbaar. Het gaat hierbij om leerlingen in alle technische profielen (BWI, PIE, M&T, MaT en MVI) en in leerjaar 3 en 4 van vmbo en vso. Het bedrag is voor alle leerlingen gelijk. (GL-leerlingen tellen voor de helft mee). Regio’s kunnen een bedrag aanvragen dat maximaal gelijk is aan het aantal leerlingen (telling 1-10-2018) x het bedrag per leerling. Zo wordt voorkomen dat er overintekening plaatsvindt. De kwaliteit van het plan en de hoogte van de co-financiering zijn leidend voor de vraag of het volledige bedrag ook wordt toegewezen.

  • De regioportretten gaan uit van de leerlingaantallen op 1 oktober 2018. Klopt dit?

    Ja, voor het indienen van het plan 2020-2023 moet u uitgaan van de leerlingaantallen op 1 oktober 2018. Dit zijn de leerlingaantallen die in de regioportretten vermeld staan, met uitzondering van de lso-leerlingen die een technisch vmbo profiel volgen, die moeten zelf toegevoegd worden.

  • Een leerling switcht na 1 oktober 2018 van een technisch profiel naar een niet-technisch profiel. Tellen deze leerlingen mee voor het vaststellen van het maximaal aan te vragen budget?

    Ja, alle leerlingen die op 1 oktober 2018 ingeschreven staan in een technisch profiel in leerjaar 3 en 4 tellen mee voor het bepalen van de hoogte van het maximaal aan te vragen budget.

  • Geld wordt smal toegekend, maar mag breed besteed worden. Wat wordt hiermee bedoeld?

    De maximale hoogte van het vanaf 2020 beschikbare budget per regio wordt vastgesteld op basis van de leerlingenaantallen BB, KB en GL dat is ingeschreven op de vijf technische profielen. Deze berekening zegt echter niets over de manier waarop het geld besteed moet worden. Ook scholen zonder technische profielen kunnen delen in de middelen (bijvoorbeeld een D&P-school die dit profiel technologisch vormgeeft). Het budget mag besteed worden aan alle activiteiten die leiden tot breed, dekkend en kwalitatief hoogstaand aanbod van techniek in de regio. Deze activiteiten hoeven zich niet te beperken tot de technische profielen in het vmbo.

Veelgestelde vragen: budget voor maken plan

  • In de aanloopfase krijgen alle vmbo-scholen met leerlingen in leerjaar 3 en 4 in het BB, KB en GL aanvullende bekostiging voor het maken van plannen. In de infographic staat € 50,- per leerling. In de regeling staat € 17,- per leerling. Hoe zit het?

    De aanvullende bekostiging voor planvorming wordt in twee jaar toegekend: in 2018 € 17,- per leerling (BB en KB, € 8,50 voor GL-leerlingen) en in 2019 € 33,- per leerling (BB en KB, GL-leerlingen € 16,50).

  • In onze regio is een bedrag van bijvoorbeeld € 30.000,- beschikbaar voor het schrijven van een plan. Moeten we dit bedrag in zijn geheel hieraan besteden?

    Nee, als u een kwalitatief goed plan voor een lager bedrag kan schrijven dan mag dat natuurlijk. In de regeling staat dat als de activiteiten waarvoor u aanvullende bekostiging krijgt zijn uitgevoerd en aan de verplichtingen is voldaan, het niet gebruikte deel van de aanvullende bekostiging kan worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt. Het geld in de planfase is bedoeld om mensen uit het vmbo in te kunnen zetten bij het ontwikkelen en schrijven van plannen met als doel kennis van planvorming in de school te houden.

  • Krijgen wij geld voor het maken van plannen?

    Ja, u krijgt in 2018 en 2019 in totaal € 50,- per leerling in bb en kb (gl 50%) voor het maken van plannen (€17,- in 2018 en circa € 34,- in 2019). Dit bedrag is beschikbaar voor alle vmbo-leerlingen, dus niet alleen voor leerlingen die een technisch profiel volgen. Dit geld wordt automatisch op de rekening van het bevoegd gezag van de school gestort.

  • Krijgt een D&P school geld voor planvorming?

    Ja, alle vmbo-scholen krijgen geld voor de planvorming. Dit is € 50,- per leerling in de basis en kaderberoepsgerichte leerweg en € 25,- per leerling in de gemengde leerweg. Bij de bepaling van het bedrag dat scholen krijgen tellen alle leerlingen in alle profielen, leerjaar 3 en 4 mee. Dit geld wordt automatisch gestort op de rekening van het bevoegd gezag van de school.

  • Ontvangen vso-scholen middelen voor techniek in 2018 en 2019?

    Ja. De minister heeft in een overleg met de Tweede Kamer toegezegd dat de vso-scholen in kader van Sterk Techniekonderwijs ook aanvullende bekostiging ontvangen voor de kalenderjaren 2018 en 2019, net zoals de reguliere vmbo-scholen. Vso-scholen ontvangen hetzelfde bedrag per techniekleerling als de reguliere vmbo-scholen. Met een techniekleerling bedoelen we hier een leerling ingeschreven op technische profielen in usp-vervolgonderwijs in de leerwegen BB, KB en GL.
    Daarnaast ontvangen vso-scholen ook een bedrag voor planvorming voor elke leerling in usp-vervolgonderwijs in de bovenbouw van de leerwegen BB, KB en GL.

Veelgestelde vragen: planvorming

  • Aan welke eisen moeten plannen voldoen?

    Bij de regeling Sterk Techniekonderwijs is een toetsingskader gepubliceerd. Hierin staat waar de plannen aan moeten voldoen.

  • Bij het plan moet een samenwerkingsovereenkomst ingediend worden. Moet die overeenkomst voorgelegd worden aan de medezeggenschapsraad (MR)?

    Ja, op basis van artikel 11 van de Wet medezeggenschap op scholen heeft de MR adviesrecht bij het aangaan van een samenwerkingsovereenkomst. Het verdient aanbeveling om de MR zo snel mogelijk op de hoogte te stellen van het plan tot samenwerking met partners in het kader van Sterk Techniekonderwijs, om geen tijd te verliezen.

  • Er lopen verschillende stimuleringsregelingen (RIF, Sterk Techniekonderwijs, Kwaliteitsafspraken mbo) kunnen deze regelingen elkaar aanvullen?

    Ja, dat mag. RIF en Kwaliteitsafspraken hebben betrekking op mbo-geld, waarbij het vmbo strikt genomen niet betrokken hoeft te worden. De regelingen kunnen een kader vormen voor andere regelingen, bij Sterk techniekonderwijs krijgt het vmbo geld. Regionale indelingen die in het kader van andere regelingen zijn gemaakt kunnen voortgezet worden in Sterk Techniekonderwijs.
    Stimuleringsregelingen mogen elkaar wel aanvullen, maar niet overlappen, er kan niet twee keer voor eenzelfde activiteit subsidie aangevraagd worden

  • Hoe concreet moeten het plan en de begroting worden uitgewerkt, je maakt immers een plan voor 4 jaar.

    De eerste twee jaar moeten zo concreet mogelijk worden uitgewerkt in plan en begroting. Voor de twee volgende jaren hoeft de uitwerking minder precies te zijn, u krijgt zeer waarschijnlijk de mogelijkheid na twee jaar (in 2022) uw plannen nader te concretiseren.

  • Ik ben een school zonder technisch profiel en krijg dus geen geld in het kader van de regeling, kan ik wel meedoen met het maken van plannen?

    Er wordt onderscheid gemaakt tussen inkomsten en uitgaven. Scholen krijgen geld voor elke leerling die een technisch profiel volgt in het vmbo en vso (BWI, PIE, M&T, MVI en/of MaT). Het geld mag besteed worden aan alle activiteiten die tot doel hebben de instroom in techniek te bevorderen, dus ook aan techniek binnen andere profielen, stimuleren van techniek in PO, onderbouw en/of vmbo TL, stimuleren van de doorstroom in technische opleidingen vanuit het vmbo, enz. Alle vmbo-scholen in een regio moeten betrokken worden bij het maken van plannen, ook scholen die zelf geen techniekprofiel aanbieden.

Veelgestelde vragen: regeling OCW

  • Is het geld dat we tussen 2020 en 2023 ontvangen geoormerkt?

    Ja, vanaf 2020 worden de extra middelen uitgekeerd als een subsidie op basis van een plan. Bij een plan hoort een begroting.

Veelgestelde vragen: regiovisie

  • In het format voor de regiovisie ontbreekt de doorstroom po-vo. Hoeft hier niets over gezegd te worden?

    Informatie over de doorstroom po-vo kan in een apart hoofdstuk opgenomen worden waarin de doorlopende leerrouten van po naar vo en mbo centraal staat. Pas op met het aanvragen van subsidie voor wetenschap en techniek, alle po-scholen krijgen hier geld voor.

  • In het plan moeten arbeidsmarktgegevens opgenomen worden. Welke zijn dat?

    De ROA-gegevens worden opgenomen in het regioportret dat van elke regio wordt gemaakt. Regioportretten staan op de website Sterk techniekonderwijs. Cijfers uit deze portretten moeten gebruikt worden, maar mogen met andere bronnen worden aangevuld.

  • Wat als er een mismatch is tussen de cijfers in de regio en daarbuiten?

    Kijk wat verder dan de regio groot is, de arbeidsmarkt kan ook iets buiten de regio liggen, maar maak de regio niet onnodig groot.

  • Wat is een doelmatig aanbod?

    Een ‘doelmatig aanbod’ is voor de ene regio iets anders dan voor de andere regio. Geef in je regiovisie zelf een definitie van wat de regio hieronder verstaat. Geef daarna aan waarom de plannen aan de definitie voldoen. In de ene regio is het doelmatig profielen van verschillende scholen samen te voegen, bijv. omdat de scholen naast elkaar staan. In een andere regio is dit een onverstandige keuze, bijv. omdat leerlingen een flink eind moeten fietsen van de ene naar de andere school.

Veelgestelde vragen: samenwerkingsoverenkomst

  • Mag de voorzitter van een bedrijvenkring de samenwerkingsovereenkomst tekenen?

    Als de bedrijvenkring een formele organisatie is, bijv. een stichting die bekend is bij de Kamer van Koophandel en de voorzitter is volgen de KvK tekenbevoegd, dan mag de voorzitter namens de aangesloten bedrijven tekenen.

  • Moet de samenwerkingsovereenkomst per bedrijf en per onderwijsinstelling getekend worden?

    Ja, elke deelnemer aan het plan moet tekenen. Het is dan ook verstandig zo vroeg mogelijk te beginnen met het verzamelen van handtekeningen.

  • Moeten uren geregistreerd worden in het kader van Sterk Techniekonderwijs?

    Of en hoe uren binnen de samenwerking moeten worden geregistreerd, is een zaak van de partijen onderling. Een urenregistratie is daarbij een handig instrument, maar wordt niet expliciet voorgeschreven. Het is raadzaam om dit vooraf intern met de controller en accountant af te stemmen.
    De feitelijke (formele) verantwoording en vaststelling van de subsidie geschied via de jaarrekening van het penvoerende schoolbestuur. Die moet uiteraard door een accountant worden gecontroleerd.

  • Onze gemeente wil € 25.000,- investeren in betere samenwerking scholen en bedrijfsleven. Mogen wij dit meenemen bij de 10 procent dat uit het bedrijfsleven moet komen?

    De regeling schrijft voor dat de 10 procent cofinanciering moet komen vanuit het bedrijfsleven, bedrijven die ingeschreven staan in de Kamer van Koophandel.
    Goed om te horen dat de gemeente wil investeren in samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven. Dat kan ook in het plan, maar wel bovenop de verplichte cofinanciering van 10 procent.

  • Onze samenwerkingspartners zijn andere dan bij de vooraanmelding mag dat?

    Ja, dat mag, maar de penvoerder heeft de plicht veranderingen te melden.
    De vooraanmelding was bedoeld om de regio’s helder te krijgen maar de definitieve samenstelling van de regio komt bij de aanvraag.
    Het kan zijn dat een partij zich terugtrekt omdat men bijvoorbeeld niet tot de gewenste afspraken komt. De subsidie voor Sterk Techniekonderwijs wordt aan regio’s toegekend op basis van het beoordelingskader in de regeling. Op het moment dat een partner zich terugtrekt uit het samenwerkingsverband kan het gebeuren dat de regio niet meer voldoet aan de voorwaarden/criteria. Als de vereiste twee scholen met beroepsgericht technisch vmbo en één mbo, voor een techniekregio wegvalt is dit een wijziging van de aanvraag!
    Het wegvallen van vmbo-school betekent kan betekenen dat het maximum subsidiebedrag voor de regio lager uitvalt (lager aantal techniekleerlingen). Dit zal gevolgen hebben voor de subsidie. De penvoerder van de regio heeft een meldingsplicht. In het slechtste geval wordt de subsidie lager vastgesteld of ingetrokken.

Veelgestelde vragen: wie krijgt aanvullende bekostiging?

  • Hoeveel geld krijgen we in 2019?

    In 2019 krijgt u voor elke leerling in leerjaar 3 en 4 van de profielen BWI, PIE en M&T € 2650,-. (GL € 1325,- per leerling). Ook leerlingen in het VSO die zijn ingeschreven in een van deze profielen tellen mee. Uitgangspunt is de leerlingtelling van 1 oktober 2018. Daarnaast ontvangt u geld om het plan op te stellen.

  • In 2018 en 2019 wordt er aanvullende bekostiging toegekend op basis van het aantal leerlingen in de ‘harde technische profielen’. Vallen hier ook de ‘harde technische beroepsgericht keuzevakken’ onder?

    Nee. De beroepsgerichte keuzevakken tellen bij het bepalen van het aantal leerlingen waarvoor aanvullende bekostiging wordt ontvangen niet mee.

  • In de kalenderjaren 2018 en 2019 zijn er middelen ter beschikking voor de bekostiging van het technisch vmbo. In de regeling in de Staatcourant van 20 juni staat dat er teldata zijn waarop het aantal leerlingen in de technische profielen wordt vastgesteld, en dat de scholen op basis daarvan de bekostiging krijgen. Moeten wij, als school, die leerlingen ergens voor een bepaalde deadline opgeven of krijgt DUS-I die gegevens uit andere bron?

    In 2018 en 2019 ontvangen alle scholen met een profiel BWI, PIE en/of M&T, extra geld om te investeren in het techniekonderwijs. Deze gelden worden, op basis van het aantal leerlingen in die technisch profielen, automatisch overgemaakt door de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO). De scholen hoeven hiervoor niets te doen.

  • In de subsidieregeling rond Sterk Techniekonderwijs staat dat er ook subsidie beschikbaar is voor bijscholing (9 miljoen). Geldt deze subsidie ook voor de bevoegdheidstrajecten PIE en hoe kan deze aangevraagd worden?

    Via de subsidie ‘korte scholingstrajecten VO’ kan voor PIE-docenten voor maximaal drie modules (van ieder € 6000,-) subsidie aangevraagd worden. Deze maximaal € 18.000,- per docent zit niet in de middelen die vanuit DUO aan de scholen zijn overgemaakt in het kader van Sterk Techniekonderwijs, maar moeten apart aangevraagd worden. Op de website van DUO kunt u meer informatie vinden (inclusief het aanvraagformulier dat tot 2020 ingevuld kan worden). Ook op de site van het Platform PIE, vindt u meer informatie. Verder biedt SPV in het kader van bijscholing vmbo cursussen en trainingen aan op de website van Bijscholing VMBO.

  • Ons bevoegd gezag heeft geld gekregen voor techniekleerlingen, maar wil dit geld niet beschikbaar stellen voor de technische profielen omdat ze zeggen dat ze de afgelopen jaren al veel in deze profielen geïnvesteerd hebben. Mag dat?

    De besteding van de techniekgelden 2018 en 2019 is een schoolinterne zaak. De gelden moeten ten goede komen aan techniek, maar mogen ook gebruikt worden om eerder gedane investeringen te betalen c.q. de reserves waaruit deze investeringen zijn gedaan weer aan te vullen. In het jaarverslag moet verantwoord worden waar het geld aan is besteed. De MR moet goedkeuring geven aan dit jaarverslag en kan vragen stellen over de besteding van de techniekgelden.