“Als je leerlingen echt wilt laten ervaren wat techniek is, moet het ook ergens over gáán,” vertelt Aukje. “Ik wilde geen verzonnen probleem, maar een opdracht die er echt toe doet en die ook uitgevoerd kan worden.” Die keuze leidde tot een samenwerking met Evers Machining in Geldrop. Een metaalbedrijf met een herkenbare vraag uit de dagelijkse praktijk.
Bij Evers Machining liep men tegen een praktisch probleem aan. Gereedschap lag verspreid door de werkplaats, waardoor medewerkers veel tijd kwijt waren met zoeken. Per order moesten tools opnieuw verzameld worden, zonder vaste plek om alles overzichtelijk en veilig op te bergen.
“Dat is precies het soort probleem waar techniekonderwijs over zou moeten gaan,” zegt Aukje. “Het is concreet, zichtbaar en vraagt om slimme oplossingen.”
De opdracht voor de leerlingen was helder. Ontwerp een mobiele gereedschapskar waarin alle benodigde tools per order meegenomen kunnen worden naar de machine, en na afloop weer netjes teruggeplaatst worden. Gebruiksvriendelijk, veilig en praktisch.
Aukje ging met twee klassen leerlingen op bezoek bij het bedrijf. Ze fietsten samen naar de locatie, kregen een rondleiding door de fabriek en maakten kennis met de praktijk van werken in de metaal. Dat moment was bewust gekozen, omdat het project ook samenvalt met het keuzemoment aan het einde van het schooljaar.
“Leerlingen moeten dan kiezen of ze richting bouw of metaal willen,” legt Aukje uit. “Door ze hier rond te laten kijken, voelen, ruiken en zien wat het werk inhoudt, wordt die keuze veel echter.”
Na de rondleiding volgde meteen een meetopdracht. In een ruimte bij het bedrijf lagen alle gereedschappen uitgestald die uiteindelijk op de kar moesten komen. De leerlingen maten alles nauwkeurig op.
“Ik heb ze duidelijk gemaakt dat dit geen bijzaak was,” zegt Aukje. “Als je hier slordig meet, klopt straks je hele ontwerp niet. Dat maakt het meteen serieus.”
Het project is opgebouwd volgens de ontwerpmethodiek onderzoeken, ontwerpen en leren, verdeeld over zes stappen. De onderzoeksfase vond grotendeels plaats bij het bedrijf zelf. Hoe wordt er nu gewerkt, wat gaat er mis en wat is er nodig?
Daarna gingen de leerlingen op school verder met schetsen en ontwerpen op papier. Aukje begeleidde dit proces met foto’s van de gereedschappen en vaste feedbackmomenten.
“Ik stuur niet op één juiste oplossing,” zegt ze. “Ik stel vooral vragen. Waarom kies je hiervoor? Hoe past dit bij de gebruiker? Zo leren ze nadenken over hun ontwerp.”
Voordat leerlingen hun eigen ideeën mochten uitwerken, bouwden ze allemaal eerst dezelfde basisgereedschapskar op schaal. Vooral het rekenen met schaal bleek uitdagend.
“Maar dat was juist een kans,” vertelt Aukje. “Samen met de wiskundedocent hebben we dit opgepakt. Dan zien leerlingen ineens waarom rekenen belangrijk is. Niet omdat het moet, maar omdat je het nodig hebt om verder te kunnen.”
Het project kreeg zo een vakoverstijgend karakter, waarbij techniek en wiskunde elkaar versterkten.
Na het basisontwerp kregen de leerlingen meer vrijheid. Ze werkten prototypen van de indeling uit in karton. Er werd geknipt, geplakt, getest en aangepast op basis van feedback.
“Je ziet ze echt groeien in dat proces,” zegt Aukje. “Sommigen beginnen voorzichtig, anderen gaan meteen los. Maar iedereen leert dat een goed ontwerp ontstaat door proberen, aanpassen en opnieuw kijken.”
Inmiddels werken veel leerlingen hun definitieve indeling uit in aluminium. Aan het einde van de maand wordt het project afgerond. De opdrachtgever komt dan naar school om samen met de leerlingen de ontwerpen te bekijken en te beoordelen.
“Dat moment maakt het rond,” zegt Aukje. “Dan voelen leerlingen: dit is niet zomaar een schoolopdracht.”
Wat Aukje vooral opvalt, is wat het werken met een echte opdrachtgever losmaakt. Leerlingen bedenken creatieve oplossingen, zoals gaasmandjes voor poetsdoeken, draaibare houders voor gereedschap en borstels die rechtop geplaatst kunnen worden.
“Niet elke leerling bloeit meteen op,” zegt ze eerlijk. “Maar de ruimte voor eigen ideeën en het gevoel van eigenaarschap werken enorm motiverend. Ze zien dat hun keuzes ertoe doen.”
Met dit project laat Aukje zien hoe onderwijs en praktijk elkaar kunnen versterken. Leerlingen leren ontwerpen, samenwerken en reflecteren, terwijl ze tegelijkertijd ontdekken wat techniek in de echte wereld betekent.
“Als ze aan het eind zeggen: dit heb ik zelf bedacht en gebouwd,” besluit ze, “dan weet ik dat het project geslaagd is.”